Deze website maakt gebruikt van cookies om instellingen te onthouden en om de website beter op uw behoeften af te stemmen. Klik hier voor meer informatie over cookies.

Ja, ik ga akkoord Nee, ik ga niet akkoord X
« Terug naar zoekresultaten

Kapitalisatiefactor

Vanuit de door minister Plasterk ingestelde Commissie Vermogensbeheer Onderwijsinstellingen is in 2009 het kengetal kapitalisatiefactor in de VO-sector geïntroduceerd. Het kengetal kapitalisatiefactor laat zien of een instelling teveel kapitaal aanhoudt voor zijn (onderwijs)activiteiten.

De kapitalisatiefactor wordt berekend door van het balanstotaal van een instelling de bedragen voor gebouwen en terreinen af te trekken en het dan overblijvende bedrag te delen door het totaal van de jaarlijkse baten. Als de kapitalisatiefactor boven een bepaalde signaleringsgrens uitkomt, zou dat erop kunnen wijzen dat een bestuur teveel kapitaal aanhoudt voor zijn onderwijsactiviteiten. De bovengrens van deze kapitalisatiefactor (voor grote schoolbesturen) bedraagt 35%. Ultimo kalenderjaar 2012 bedraagt de kapitalisatiefactor binnen Ons Middelbaar Onderwijs 15%.

Het verloop van de kapitalisatiefactor in de afgelopen vijf jaren is in het volgende overzicht gepresenteerd:

  2008 2009 2010 2011 2012 
Transactiefunctie310% 11% 10% 11% 10% 
Financieringsfunctie45% 5% 5% 6% 6% 
Financiële buffer52% 0% 2% 0% -1% 
  17% 16% 17% 17% 15% 
            
Tabel 5: Kapitalisatiefactor

Binnen OMO wordt niet gestuurd op de kapitalisatiefactor, vanwege de onhelderheid van dit kengetal en het gebrek aan toepasbaarheid op individuele scholen. Bovendien blijft OMO, ook in meerjarenperspectief, ruimschoots onder de gestelde bovengrens.

[3] De transactiefunctie wordt berekend door het bedrag van de kortlopende schulden te delen door het totaal van de jaarlijkse baten. Hierbij zijn de voorontvangen bedragen en de schuld aan de bank (vanwege de geplande omzetting naar een langlopende schuld) in mindering gebracht op de kortlopende schulden.
[4] De financieringsfunctie wordt berekend door 50% van de boekwaarde van de materiële vaste activa (niet zijnde gebouwen en terreinen) te delen door het totaal van de jaarlijkse baten.
[5] De financiële buffer is het resterende deel van de kapitalisatiefactor en is bedoeld voor het opvangen van bijvoorbeeld terugloop in leerlingaantallen, financiële gevolgen van arbeidsconflicten, onvolledige indexatie van de bekostiging, etc.

 

pagina opties

Mijn OMO verslag (0)